Op 3 september 2026 namen Mathieu en Jolan Hendrickx ons mee in hun verhaal van regeneratief telen.
Ze demonstreerden het zaaien van een groenbedekker op wortelruggen om de bodem te beschermen tijdens de winter en toch snel te kunnen starten met de wortelteelt in het voorjaar.
Op weg naar regeneratief telen: groenbedekkers op wortelruggen
Regeneratieve landbouw vertrekt vanuit de gedachte om niet alleen gewassen op de bodem te telen, maar tegelijk te werken aan een bodem die veerkrachtiger, vruchtbaarder en beter bestand is tegen extreme omstandigheden. Er bestaat echter geen vast recept. Integendeel, een belangrijk uitgangspunt van regeneratieve landbouw is dat elke teler vertrekt vanuit zijn eigen context.
Zes principes vormen daarbij een belangrijke leidraad.
- Context: elk landbouwbedrijf heeft zijn eigen bodem, klimaat, teelten, machines, financiële mogelijkheden en doelstellingen. Wat op het ene bedrijf werkt, is daarom niet automatisch geschikt voor een ander bedrijf.
- Beperk bodemverstoring: minder ploegen en minder intensieve grondbewerking kunnen de bodemstructuur en het bodemleven meer kansen geven. Ook het vermijden van bodemverdichting door zware machines hoort hierbij.
- Maximaliseer gewasdiversiteit: een ruimere vruchtwisseling en mengsels van groenbedekkers zorgen voor meer variatie boven en onder de grond. Verschillende planten wortelen op verschillende dieptes. Zo kunnen ze voedingsstoffen uit verschillende bodemlagen benutten en verschillende groepen bodemorganismen voeden.
- Hou de bodem bedekt: een bodem die bedekt is met gewassen of gewasresten is beter beschermd tegen regen, wind, erosie en uitdroging
- Levende wortels, het jaar rond. Zolang er planten groeien, leveren hun wortels voedingsstoffen aan het bodemleven, dat op zijn beurt de bodemstructuur mee opbouwt.
- Integreer dieren: sluit de nutriëntenkringloop op je bedrijf.
 |
|
|
We gingen van start met een overizicht van de 6 principes van regeneratieve landbouw.
|
|
Deze principes klinken logisch, maar de toepassing ervan in de praktijk brengt heel wat vragen met zich mee. Hoe combineer je minder bodembewerking met een teelt die een fijn zaaibed vraagt? Hoe vermijd je verdichting wanneer je toch met machines over het perceel moet? En hoe zorg je ervoor dat een groenbedekker niet alleen mooi groeit, maar ook effectief een meerwaarde heeft voor de volgteelt? Tijdens een praktijkdemo bij Mathieu en Jolan Hendrickx zochten we samen naar antwoorden.
Een akkerbouwbedrijf met een lange ervaring in ploegloos werken
Mathieu Hendrickx baat samen met zijn zoon Jolan een akkerbouwbedrijf van 70 ha uit. Op het bedrijf worden aardappelen, wortelen, tarwe, brouwgerst, koolzaad, vezelhennep en gele erwt geteeld.
Hij besliste 15 jaar geleden om ploegloos te gaan werken, maar zag het koolstofgehalte slechts geleidelijk stijgen. Daarom schakelde hij zo’n vijf jaar geleden over naar regeneratief telen. Een ruime vruchtwisseling is een belangrijk onderdeel van de bedrijfsaanpak. Dit jaar werd bijvoorbeeld koolzaad aan de rotatie toegevoegd om meer rustgewassen in te bouwen. Dit liet na de oogst een aanzienlijke hoeveelheid stro op het demoperceel achter.
Waarom groenbedekkers op wortelruggen?
De demo draaide rond een concrete uitdaging: de wortelruggen al in het najaar voorbereiden en tegelijk de bodem tijdens de winter bedekt houden. Het doel was om in het voorjaar sneller aan de slag te kunnen, zonder zware grondbewerkingen uit te voeren op een moment waarop de bodem daar mogelijk nog te nat voor is.
Hoe gaat het praktisch? De zaaimachine werd gemonteerd op een aanaarder/ruggentrekker. Het mengsel werd zelf samengesteld: zomerwikke, erwt, fenegriek, olieradijs, boekweit, zonnebloem en gerst. De plaats waar de wortelruggen moesten komen, werd eerst gediepwoeld met een rechte tand op de middellijn van de rug, om diepere beworteling mogelijk te maken. Een vereiste om exact op de plaats van de rug te werken, is dat alles met gps-sturing wordt uitgevoerd.
 |
|
|
De uitgangen van de zaaiunit werden bevestigd op de aanaarder waarmee ook de ruggen worden getrokken.
|
|
Daarna konden in één werkgang de ruggen getrokken en de groenbedekker gezaaid worden, al moesten er onderweg een aantal hindernissen worden overwonnen.
| |
|
|
| |
Niet alles verloopt volgens plan
Een praktijkdemo laat ook zien dat een goed idee niet automatisch probleemloos werkt. Initieel wilde Mathieu nog meer diversifiëren en een ander mengsel tussen en op de ruggen gebruiken. Zo wilde hij tussen de ruggen bladrammenas inzetten. De penwortel zou mee voor een mooie kruimelige structuur zorgen. Hiervoor moest een tweede zaaiunit op de machine gemonteerd kunnen worden. Omwille van de technische uitdaging werd toch geopteerd voor één mengsel, zonder bladrammenas.
De leemgrond was na het diepwoelen toch niet kruimelig genoeg om enkel met de ruggentrekker te bewerken. Met gekartelde schijven werd de grond eerst 5 cm diep bewerkt om een lossere structuur te creëren, alvorens de ruggen worden getrokken.
Een ander aandachtspunt is het wielspoor. Sommige ruggen liggen precies op een wielspoor. Zal het diepwoelen met een rechte tand voldoende zijn geweest om hieraan tegemoet te komen? De ontwikkeling van de groenbedekker en later de wortelen kan duidelijk maken of dit gevolgen heeft voor de gewasgroei. Een mogelijke oplossing is om achter het wiel een pin te laten lopen die het spoor weer openmaakt. Ook hier zal de praktijk moeten uitwijzen of die aanpassing nodig is.
De vraag die tijdens de demo het vaakst werd gesteld, was wat er tegen het voorjaar met de ruggen zal gebeuren. Zullen ze voldoende stabiel blijven of zakken ze te sterk in? Mathieu verwacht dat dit zal meevallen. De groenbedekker kan ondertussen bijdragen aan de structuur van de rug. Dat is een van de zaken die pas in het voorjaar kan worden beoordeeld.
|
|
Verdere opvolging
Daarom stopt de demo niet bij het zaaien. De komende maanden volgen we op hoe de groenbedekker zich ontwikkelt, hoe de ruggen de winter doorkomen en wat er gebeurt wanneer de wortelen rechtstreeks op deze ruggen worden gezaaid. Samen met de teler bekijken we welke knelpunten zich voordoen, welke aanpassingen mogelijk zijn en welke voordelen de aanpak oplevert.
De bedoeling is niet om een vast systeem voor te schrijven. Net zoals het principe van context aangeeft, moet elke teler bekijken wat past bij zijn eigen bedrijf. Deze demo is vooral een kans om samen te leren wat er gebeurt wanneer verschillende regeneratieve principes in een concrete teelt worden gecombineerd.
 |
|
| Ingezaaide wortelruggen. |
|
Meer info
Lien De Schrijver
Dit artikel kadert in het project ‘REGEPRAK: obstakels voor het toepassen van regeneratieve praktijken wegwerken via kennis en demonstratie’.
