De schade door wantsen neemt sterk toe in biologische groente-, fruit- en bloementeelt. Soorten zoals de zuidelijke groene stinkwants, de bruingemarmerde stinkwants en schaduwwantsen komen steeds vaker voor in serres, tunnels en openlucht. Ze veroorzaken kwaliteitsverlies en zijn moeilijk te bestrijden: vangsystemen werken niet en bestrijding gebeurt vaak manueel, wat heel arbeidsintensief is. Tegelijk ontbreekt het telers aan kennis om schadelijke en nuttige wantsen te onderscheiden, wat risico geeft op het doden van natuurlijke vijanden.
Dit project onderzoekt hoe telers wantsen beter kunnen herkennen, monitoren en beheersen. Via praktijkgerichte monitoring bij biotelers en koppeling aan waarschuwingssystemen ontwikkelen we een wantsenwijzer en beheersrichtlijnen. Daarnaast testen we o,der andere de inzet van de sluipwesp Trissolcus basalis en eventueel nieuwe maatregelen in de praktijk. Kennisuitwisseling met telers staat centraal via monitoring op hun bedrijf en een studiedag om ervaringen uit te wisselen.