Ook in boomkwekerijen is een laag koolstofgehalte een welgekend probleem. Aangezien er in deze sector slechts om de 2 à 5 jaar geoogst wordt, duurt het vaak te lang voordat er nieuw organisch materiaal aan de bodem toegevoegd wordt om de nutriëntenopname te compenseren. Het tweejarig demonstatieproject OSBOBO, gestart in april 2024, gaat na wat er in boomkwekerijpercelen aan maatregelen kan getroffen worden om de algemene daling van bodem organische stof (BOS) te stoppen.
Tijd voor actie
Het gaat niet goed met de Europese bodems. Volgens schattingen van de Europese Commissie verkeert 60-70% van de bodems in slechte staat1. Dit is het gevolg van diverse factoren, waaronder erosie, verzuring, verlies van organische koolstof, ontginning van veengebieden en verzilting. Een gezonde bodem vormt echter de basis van onze voedselzekerheid. Biodiversiteit, water- en luchtkwaliteit zijn er onlosmakelijk mee verbonden. Verder speelt de bodem een grote rol in de strijd tegen klimaatverandering. Daarom stelt de EU zich tot doel om tegen 2050 het tij gekeerd te hebben en bodemdegradatie een halt toe te roepen.
Hoewel de Vlaamse bodems tot de meest productieve van Europa behoren, waarschuwen bodemwetenschappers al jaren voor de noodzaak tot actie om verdere achteruitgang te voorkomen. Daarbij ligt de focus op het behoud – en waar nodig de verhoging – van organische koolstofniveaus. Bodem organische stof (BOS), met als hoofdelement organische koolstof, speelt een sleutelrol in een optimale waterberging, klimaatrobuustheid en gezondere gewassen. Bovendien draagt koolstofopslag bij aan het verminderen van CO₂ in de atmosfeer, wat cruciaal is voor de klimaatneutraliteitsdoelstellingen tegen 2050. De Bodemkundige Dienst van België stelt in een recente publicatie vast dat in Vlaanderen bijna 50% van de akkers onder de streefwaarde voor organische koolstof zitten2.
Proefopzet
Vorige lente werden er zowel op het proefcentrum als op enkele boomkwekerijen proeven aangelegd om de effecten van organische reststromen zoals houtsnippers en groencompost op de plant- en bodemkwaliteit te onderzoeken. Proeven waarbij al enkele jaren organisch materiaal werd aangebracht worden verder opgevolgd aangezien zij waardevolle informatie leveren over de koolstofopbouw op langere termijn. Binnen het project worden verschillende maatregelen getest naar praktische toepasbaarheid binnen de teelten en de effectiviteit van koolstofopbouw, zonder in te boeten op plantkwaliteit. Hieronder worden enkele technieken binnen het project besproken.
Jaarlijkse spreiding van compost op de rij
Jaarlijks wordt met een compostkar een dosis compost aangebracht op de plantenrij. De compost wordt niet ingewerkt, maar zal gedurende het groeiseizoen verdwijnen (zie Foto 1). Compost is een traag werkende meststof boordevol nuttig macro- en microbieel leven die gestaag nutriënten levert aan het gewas, zonder extra risico op uitspoeling naar het milieu. De werkingscoëfficiënten voor stikstof en fosfaat zijn respectievelijk slechts 15% en 50% bij invulling van de bemestingsnorm. Groencompost bevat een hoger gehalte aan effectieve organische stof dan drijfmest of stalmest, waardoor het beter bijdraagt aan het behoud van het BOS-gehalte.

Foto 1: Jaarlijks wordt compost gespreid op de bomenrij. De compost verdwijnt geleidelijk tijdens het groeiseizoen.
Afdekmaterialen op de plantrij
Afdekmaterialen bedekken de bodem het hele jaar door. Dit helpt erosie voorkomen en remt onkruidgroei zodat chemische en/of mechanische onkruidbestrijding wordt gereduceerd. Bovendien breekt het aangebrachte materiaal langzaam af en levert het later in het groeiseizoen voedingsstoffen aan de planten. Afhankelijk van het type afdekmateriaal wordt een bepaalde hoeveelheid organische stof aan de bodem toegevoegd. Binnen het project worden groencompost, houtsnippers en zaagsel gebruikt als afdekmateriaal.
Inzaai van een tussengewas
Ook het inzaaien van een tussengewas tussen de bomenrijen zorgt ervoor dat de bodem bedekt blijft (zie Foto 2). Plantengroei is de beste manier om bodemleven te onderhouden. De wortelmassa van het tussengewas is een belangrijke bron van organisch materiaal voor de bodem. Daarnaast kan een doordachte keuze van het tussengewas helpen bij het verminderen van problemen met bodemverdichting. Bepaalde tussengewassen, zoals Engels raaigras, kunnen ook functioneren als vanggewas door overtollige voedingsstoffen uit het eerste groeiseizoen op te nemen. Van zodra deze voedingsstoffen gewenst zijn, kan het tussengewas ondergewerkt worden, zodat de nutriënten opnieuw beschikbaar komen voor de planten.

Foto 2: Afdekmaterialen op de rij: houtsnippers, groencompost en zaagsel met gras tussen gezaaid.
Houtsnippers inwerken
Een steeds populairder maatregel is het toepassen van (bedrijfseigen) houtsnippers (zie Foto 3). Deze reststroom is vaak al beschikbaar op boomkwekerijen en heeft kenmerkend een hoog koolstof:stikstof gehalte (C:N getal). Dit wil zeggen dat er relatief veel koolstof aan de bodem wordt toegevoegd, terwijl nutriënten zoals stikstof en fosfor – die kunnen uitspoelen naar het milieu – beperkt blijven. Ideaal dus om de BOS te verhogen zonder tegen de bemestingslimieten aan te lopen. Belangrijk hierbij is dat houtsnippers soms in de eerste maanden tot een jaar na toepassing meer stikstof kunnen onttrekken uit de bodem dan de bodem op dat moment vrijstelt, wat zeker voor jonge planten nadelig kan zijn. Het is dus van belang om op het juiste moment bij te bemesten met bijvoorbeeld een bladbemesting om dit stikstoftekort tegen te gaan. Je kan ook de houtsnippers al in het najaar inwerken.

Foto 3: Houtsnippers worden ingewerkt met de rotoreg.
Ecoregelingen voor opbouw organische koolstof
Het verhogen van het organische koolstofgehalte is opgenomen in de éénjarige verbintenissen van het nieuwe Gemeenschappelijke Landbouwbeleid, de ecoregelingen. Afhankelijk van de hoeveelheid effectieve organische koolstof wordt een subsidiebedrag toegekend. Zo levert de toepassing van 10 ton bedrijfseigen houtsnippers per hectare een subsidie van 600 euro per hectare op3. Ecoregelingen zijn bedrijfsgebonden maatregelen, die jaarlijks aan te vragen zijn. Als er met bodemanalyses kan worden aangetoond dat de streefwaardes voor organische koolstof en pH werden bereikt, wordt er een extra vergoeding toegekend. Een mooi duwtje in de rug dus, maar investeren in een betere bodemkwaliteit zal in een veranderd klimaat, met steeds vaker aanhoudende periodes van regen of hitte in het vooruitzicht, lang niet overbodig zijn.
1Arias-Navarro, C., Baritz, R. and Jones, A. editor(s), 2024.The state of soils in Europa. Publication Office of the European Union. https://data.europa.eu/doi/10.2760/7007291, JRC137600.
2Tits M., Lorenz W., Grootjans A., Janssens P., Elsen A., Deckers S., Bries J., Vandendriessche H. 2024. Bodemvruchtbaarheid van de Akkerbouw- en Weilandpercelen in België en Noordelijk Frankrijk (2020-2023). Publicatie van de Bodemkundige Dienst van België. 195 pp.
3Fiche van het Agentschap Landbouw & Zeevisserij: Ecoregeling - ‘Verhogen organische koolstofgehalte – 2025 (versie 23/01/2025).
Meer info
Emma Lanoo
Dit artikel kadert in het project 'OSBOBO: Organische Stof in BOomkwekerijBOdems'.
